SluitenHelpPrint
Switch to English
Cursus: 201300118
201300118
Bacheloropdracht
Cursus informatie
Cursus201300118
Studiepunten (ECTS)16
CursustypeBachelor eindopdracht
VoertaalNederlands
Contactpersoondr.ir. C. Salm
E-mailc.salm@utwente.nl
Docenten-
Collegejaar2015
Aanvangsblok
JAAR
AanmeldingsprocedureZelf aanmelden via OSIRIS Student
Inschrijven via OSIRISJa
Leerdoelen
Doen van individueel onderzoeks- of ontwerpwerk met eigen innovatieve inbreng.
Inhoud
De bacheloropdracht (BO) is de afsluiting van het bachelor programma Elektrotechniek. In deze opdracht doe je een onderzoek bij een leerstoel. Het biedt je de gelegenheid te laten zien wat je in je mars hebt. Je mag zelf bepalen bij welke leerstoel je de opdracht doet. Voor het uitvoeren van de opdracht buiten de afdeling Electrical Engineering is toestemming nodig van de OLD. Het best kun je naar de secretaresse van de leerstoel van je keuze gaan. Die zal je doorverwijzen naar stafleden die opdrachten in 'portefeuille' hebben. Vaak kun je ook informatie vinden op de website van de leerstoel van je voorkeur.
Het niveau van de opdracht past bij de eindtermen van de bacheloropleiding en de tot dan toe gevolgde vakken. Tijdens de bacheloropdracht werk je zelfstandig maar wel onder supervisie met enige begeleiding. Je leert al doende. In het volgende overzicht wordt aangegeven wat je moet kunnen nadat je de opdracht hebt gedaan (de eindtermen). Het is een lijst van (tussen)producten die je moet leveren. Tussen haakjes wordt bij elk tussenproduct aangegeven om welke praktische vaardigheden van de bachelor opleiding het gaat.
De opdracht eindtermen zijn de volgende.
De studenten hebben in de bacheloropdracht aangetoond dat ze in staat zijn om:

a) een bij hen passende keuze te maken voor een vakgroep, supervisor en onderzoeksvoorstel (informatie verwerven, zelfkennis, communiceren),
b) een logboek bij te houden (documenteren, integreren van kennis en skills, reflectie),
c) het onderzoeksvoorstel concreet te maken (interpreteren, uitwerken, operationaliseren, via literatuurstudie en oefening met instrumenten/ tools, tot een concrete onderzoeksvraag of ontwerpspecificatie met motivatie waarom dit van belang is),
d) een onderzoeksplan te maken (totaaloverzicht geven met stappenplan en tijdplan),
e) het onderzoeksplan doelgericht uit te voeren en zonodig in overleg met de supervisor bij te stellen als voortschrijdend inzicht hiertoe noopt (doelgericht werken, plan bijstellen),
f) een voortgangsrapportage te leveren (verantwoorden dat in de juiste richting naar de kerndoelen wordt gewerkt),
g) een heldere probleemstelling te maken waarin de kernstructuur van werk en verslag tot uitdrukking komt, bijv. in de vorm van een introductie, samenvatting of poster,
h) data voor begeleidingsgesprekken af te spreken en afspraken na te komen (communiceren),
i) afspraken te maken over hoe de beoordeling plaats vindt en welke criteria voor het cijfer worden gehanteerd (communiceren, bijv. wanneer je een 10 krijgt en wanneer een onvoldoende), en
j) afspraken te maken over wat er gebeurt bij overschrijding van deadlines of de totale tijdsduur, of bij een onvoldoende (communiceren).
k) een (verplicht!) eindverslag te maken (logische doelgerichte presentatie van het werk naar het technisch-wetenschappelijk forum),
l) een (verplichte!) eindvoordracht over het werk te houden (mondelinge presentatie voor een publiek van BSc-EL medestudenten en vakgroepmedewerkers aan de hand van power point),

Je wordt geacht zelf verantwoordelijk te zijn voor het leren beheersen van de genoemde punten. Hoe meer het initiatief van jezelf uitgaat (dit omvat ook het stellen van vragen), hoe beter aangetoond is dat de eindtermen gehaald zijn. Hoe meer sturing je nodig hebt, hoe minder zeker is dat de eindtermen gehaald zijn.
Het eindcijfer wordt bepaald door de inhoudelijke kwaliteit van het werk (het niveau), het eindverslag, de eindvoordracht en de gevolgde werkwijze die o.a. blijkt uit de bovengenoemde tussenproducten. Deze laatste kunnen of mondeling of schriftelijk worden geleverd, volgens afspraak tussen supervisor en student.

Het tijdstraject voor de BO kan er globaal als volgt uitzien:
Vooraf: Zoeken op WEB-sites, praten met stafleden, keuze maken.
Start van het tijdstraject: Literatuurlijst, logboek.
Op ¼: Concreet onderzoeksvoorstel en haalbaar onderzoeksplan.
Op ½: Voortgangsrapportage.
Op ¾: Verslagstructuur en probleemstructuur.
Slot van het tijdstraject: Eindverslag. Daarna eindpresentatie.
Achteraf: Student ontvangt eindcijfer en feedback op resultaat en werkwijze.
 
Voorkennis
Voorkennis verplicht: Voldoende vordering in het bachelorprogramma. Min 88EC uit Bsc programma + B2 project gehaald. De leerstoel waar project wordt uitgevoerd kan eisen dat bep. vakken gehaald zijn. Indien de opdracht niet wordt uitgevoerd bij een leerstoel van de afdeling EE dan dient daarvoor vooraf toestemming verkregen te worden van de opleidingsdirecteur of de bachelorcoördinator.
DEELNEMENDE OPLEIDING
B-EE
Verplicht materiaal
-
Aanbevolen materiaal
-
Werkvormen
Project (Verplicht)

Toetsen
Opdracht

SluitenHelpPrint
Switch to English